Menu

Tijd voor de overheid 2.0

26 aug Tijd voor de overheid 2.0

ANTWERPSE OPEN VLD’ERS LANCEREN ACTIEPLAN VOOR EFFICIËNTERE STAAT

TIJD VOOR DE OVERHEID 2.0

Antwerpen. 25 augustus 2020. Open VLD-Kamerleden Christian Leysen, Marianne Verhaert en Vlaams fractieleider Willem-Frederik Schiltz hebben samen hun schouders gezet onder een actieplan voor een efficiëntere overheid. Aan de hand van zeven punten geven ze aan hoe we de werking van de overheid kunnen verbeteren. Ook lanceren ze Minderenbeter.be, een online platform waarop burgers zelf ideeën en voorstellen kunnen indienen.

De uitweg naar het post-coronatijdperk vergt grote investeringen, zowel in de privésector als in de overheid. De Antwerpse liberalen Christian Leysen, Marianne Verhaert en Willem-Frederik Schiltz waren daarom van mening dat het huidige momentum moet worden aangegrepen om werk te maken van een beter functionerend staatsapparaat. Ze willen gaan voor een overheid die wat ze doet, vooral ook goed doet. Een overheid die gefocust blijft op haar kerntaken en zich niet met bijzaken bezighoudt. Een overheid die zichzelf continu evalueert en haar werking voortdurend tracht te verbeteren. Kortom: een overheid die er is voor de burger, niet voor zichzelf.

Daarom lanceren ze vandaag een zeven punten tellend actieplan met concrete voorstellen voor een slankere en adequate overheid. ‘Het huidige Belgische model is te complex,’ zegt initiatiefnemer Christian Leysen, ‘Te veel verwarrende regels en wetten zorgen er vandaag voor dat dringende beslissingen vaak niet, of pas veel te laat, kunnen worden genomen. De moeizame besluitvorming aan het begin van de coronacrisis was daar een voorbeeld van.’ In het verleden werden al stappen vooruit gezet, klinkt het, zoals het kafkaplan, maar er blijft bijzonder veel werk aan de winkel.
Een autonoom en een sterk geresponsabileerd team van topambtenaren moet daar in het kader van een lange termijnplan invulling aan geven op basis van een duidelijke opdracht van de volgende regering..

Daarom sloegen Leysen, Verhaert en Schiltz de handen in elkaar. Ze gaan voor meer efficientie bij de besteding van de overheidsmiddelen. In het verleden werden al stappen vooruit gezt, klinkt het, zoals het kafkaplan , maar er blijft bijzonder veel werk aan de winkel.

De initiatiefnemers van het project werden in de praktijk zelf meermaals geconfronteerd met de tekortkomingen van onze complexe staatsstructuur. Christian Leysen vanuit zijn achtergrond als Antwerps havenondernemer, Marianne Verhaert vanuit haar achtergrond als burgemeester van Grobbendonk. Beide liberalen zijn bovendien nieuw in de nationale politiek: ze hebben er net hun eerste jaar als parlementslid op zitten, hetgeen hun overtuiging sterkte dat we het in dit land een pak beter zouden kunnen doen.

Ze gaan samen met de Open VLD fractieleider in het Vlaams Parlement voor minder en beter: een slanke, maar slagkrachtige overheid met minder, maar vooral betere wetten en regels. Voortaan bundelen ze alle informatie en initiatieven om de werking van onze overheid te verbeteren op de nieuwe website www.minderenbeter.be, een denktank waarop ook burgers ideeën en voorstellen kunnen posten. Via info@minderenbeter.be kan men concrete voorbeelden indienen van overbodige regels die moeten worden afgeschaft.

Een zevenpuntenplan voor een efficiënte overheid 2.0

1. Excellente dienstverlening betekent respect voor de burger

Ons land is behoorlijk complex. Voor burgers en bedrijven die bij de overheid aankloppen, maakt het niet uit of dat nu bij de deelstaten of het federale niveau is. Ze verdienen snelle en duidelijke communicatie en indien nodig flexibele dienstverlening op afspraak. Digitale applicaties als Itsme worden veralgemeend, maar ook digitale have nots worden niet vergeten. Het ‘only once’-principe inzake gegevensdeling wordt integraal doorgevoerd.

2. Kerntaken bepalen en keuzes maken

Het overheidsbeslag is de afgelopen decennia steevast gegroeid in ons land. Vorig jaar bedroeg het 52 procent, dat is tien procent meer dan bij onze Noorderburen. Wat de overheid zelf doet, moet ze dan ook goed doen. We moeten er de komende tien jaar naar streven om ons overheidsbeslag te laten zakken tot het Europese gemiddelde van 47 procent. De extra budgettaire ruimte die hierdoor vrijkomt is nodig om de torenhoge factuur van coronacrisis te betalen. Wat daarna overblijft kunnen we aanwenden om de vergrijzing en de klimaatverandering aan te pakken. Een alternatief is er niet, tenzij we ervoor zouden kiezen om onze fiscale druk te verhogen – hetgeen bijzonder schadelijk zou zijn voor onze economie en zo ook de financiering van de sociale zekerheid ondermijnen.

3. Menselijk kapitaal koesteren

Een slagkrachtige overheid kan niet zonder waardevol menselijk kapitaal. Een nieuw human resourcesbeleid moet autonomie en work-life balance koppelen aan flexibiliteit. De federale overheid moet werk maken van een grotere interne mobiliteit. “De overheid” is de werkgever. Overstappen van de ene naar de andere FOD (of zelfs naar bijvoorbeeld Vlaanderen, een provincie of een gemeentebestuur) moet veel makkelijker kunnen. Tegelijk wordt ook werk gemaakt van meer trainings- en ontwikkelingskansen en een eigentijds personeelsstatuut met een competitieve verloning en het uitdoven van de vaste benoeming. Overheidsmanagers krijgen meer slagkracht en ook budgettaire autonomie, gekoppeld aan duidelijke doelstellingen (KPI’s) waar ze ook op geëvalueerd worden.

4. Minder maar betere regels

De huidige crisis toonde meermaals aan dat kostbare tijd verloren ging bij het hardnekkig vasthouden aan regeltjes en procedures. Denk bijvoorbeeld aan het tekort aan desinfecterende handgels en mondmaskers. Door snel te schakelen en overbodige regelgevende barrières op te heffen, kon de privésector de overheid te hulp schieten. In plaats van ‘Niets mag, tenzij…’ moet het motto ‘Alles mag, tenzij…’ worden. Daarom wordt permanente regelevaluatie de norm en zorgen ‘sunset-clauses’ (vervaldata voor wetten en reglementen) voor de bestrijding van te veel ‘reglementitis’ en ‘proceduritis’.

5. Minder verkokering

De rigide opdeling in ministeries is weliswaar leesbaar in organogrammen, maar gaat voorbij aan de noodzaak tot multidisciplinariteit en complexe samenwerkingsvormen. Werken in projectteams over beleidsdomeinen heen wordt veralgemeend en zorgt voor een betere inzet van expertise in de organisatie. Samenwerking tussen het federale niveau en deelstaten en lokale besturen wordt gestimuleerd om ‘best practices’ uit te wisselen, maar ook overlappingen en gaten in de dienstverlening weg te werken. Minder naast elkaar, maar meer mét elkaar werken.

6. Digitaal is het nieuwe normaal

Bijna de helft van de ambtenaren zijn thans ouder dan 50 jaar. Dat betekent dat een groot deel van het korps in de volgende jaren afzwaait. Tegelijk creëeren nieuwe ICT-toepassingen, zoals bijvoorbeeld Blockchain, ongekende mogelijkheden om werkprocessen te versnellen, te vereenvoudigen en aan kostenbesparing te doen. Sommige federale overheidsdiensten hebben de afgelopen jaren immense inhaalbewegingen geleverd op vlak van informatisering. Andere delen zoals justitie, waar de fax als communicatiemiddel pas midden dit jaar werd afgeschaft, slagen er maar niet in om bij te benen. In de eGovernment benchmark van de Europese Commissie stond België, op een totaal van 36 Europese landen, pas op de 19e plaats. We moeten er tegen 2030 naar streven om in de top 5 te staan.

7. Een professioneel geleid vastgoedbedrijf voor de Federale overheid

In navolging van het samenvoegen van HR en ICT in de FOD BOSA (Beleidsondersteuning en Organisatie), maken we werk van één facilitair bedrijf dat de Regie der Gebouwen vervangt. De jaarrapporten van het Rekenhof rapporteren telkens weer een gebrek aan transparantie binnen de bewuste organisatie, zoals een accurate waardering van het totale overheidspatrimonium. Het vastgoedpatrimoniumbeheer en de facilitaire dienstverlening van de overheid worden in dit bedrijf gecentraliseerd.